zondag 28 maart 2010

Hulst

Vandaag een kort vluchtje gemaakt (minder dan een uur) met Mie, iemand die me via de site Meet-a-Pilot had gecontacteerd. Die site brengt mensen die wel eens willen mee vliegen met een recreatieve piloot in contact met ... een recreatieve piloot zoals ondergetekende!

Mie wilde met enkele familieleden even over en weer naar Hulst, in Zeeland. Dat ligt op een boogscheut van Antwerpen dus zoiets is snel gefikst. Na Hulst vlogen we nog even door naar Terneuzen, bochtje nemen en terugvliegen. Leuke vlucht. Bijgevoegd enkele foto’s.



zaterdag 20 maart 2010

Reconstructie

Zes maanden liggen er tussen mijn laatste echte blogpost in september 2009 en mijn recente teken van leven op deze site. 180 dagen zonder nieuws over mijn vliegavonturen. Ik zou jullie kunnen vervelen met een diepgravende analyse. Of toch maar niet. De enige korte verklaring die ik zelf heb is dat het een combinatie van weinig vliegen, te veel andere verplichtingen en – jazeker – een soort blogmoeheid was. Ik merk dat bij veel bloggers tegenwoordig. In het begin rolt de inspiratie eruit en wil je alles met de wereld delen. Maar na een tijdje schrijven treedt een soort verveling op en wordt schrijven een last in plaats van een lust. Enkele weken geleden las ik trouwens dat het aantal blogs fors afnam of dat bestaande sites minder worden bijgewerkt. We zitten in een collectieve blogdepressie, allemaal ten voordele van Facebook of Twitter. Dat laatste is een soort miniblog, zo je wil. Enfin, ik kom weer boven water en zal even proberen bij te schrijven over enkele vluchtjes de afgelopen maanden. Ik kan niet garanderen dat ik in de toekomst weer even vlotjes ga schrijven als vroeger, om dezelfde redenen die ik hierboven al aangaf.

Om op de meeste prangende vragen te antwoorden;
Vlieg ik nog? Zeker en vast.
Heb ik dat ULM brevet gehaald ondertussen? Nee, nog niet.

Met terugwerkende kracht probeer ik de afgelopen maanden te reconstrueren.

vrijdag 19 maart 2010

ULM update

Voor wie niet mee is: ik werk aan een (Frans) ULM brevet. Dat doe ik in Baisy-Thy, een van de grootste ULM-velden van BelgiĆ«. Om zo’n licentie te behalen moet je het Franse theorie examen afleggen en een aantal uren vliegen met een instructeur.

Theorie

Op dinsdag 15 september 2009 reed ik naar Lille (Frankrijk) voor het theoretisch examen. De dagen en weken ervoor had ik me door het handboek ‘Manuel pour pilote ULM’ geworsteld. Ook al spreek ik behoorlijk goed Frans, dat studeren was echt geen lachertje. Het was alsof ik al die specifieke luchtvaarttermen en uitdrukkingen opnieuw moest aanleren, dit keer in het Frans! Het probleem was niet zozeer de inhoud. Ik weet ondertussen welke aerodynamica een vliegtuig doet vliegen en ken de procedures en communicatie uit m’n hoofd. Het was vooral moeilijk om dat allemaal in een andere taal over te zetten en de verschillende nuances ervan te begrijpen.

Toch wat onzeker meldde ik me aan in het examenlokaal. Daar zaten een dertigtal andere slachtoffers bij elkaar om in totaal enkele tientallen meerkeuzevragen te beantwoorden. Het was zwoegen en zweten en na een uurtje of twee stond ik terug buiten, onzeker over het resultaat. Dat zou je per brief worden meegedeeld. Die brief kwam ongeveer een maand later, met de verlossende woorden dat ik geslaagd was. Met de hakken over de sloot, dat wel, maar de theorie was dus alvast binnen.

Praktijk

Ik heb op dit moment amper 2,5 uur op ULM gevlogen, de laatste vlucht in september 2009. Uit mijn eerste ervaringen met die ultralichte toestellen blijkt dat het echt wel wennen is als je van een zwaardere machine komt. Vliegen met stick, veel meer rudderwerk, snelheidsmeter in km/u in plaats van knopen, windgevoeliger, … Ik schat dat ik een uur of 10 nodig zal hebben voor de transitie van PPL naar ULM. Nu de lente in het land is, wil ik de draad terug oppikken. Nog voor einde maart wil ik opnieuw met ULM de lucht in.

donderdag 18 maart 2010

Vluchten 2009

Ik heb in de laatste maanden van 2009 nog twee keer gevlogen.

Zo was er begin oktober een vlucht met Jens, een collega. Hij had ook zijn zus en haar dochter bij. De bedoeling was om naar Gent te vliegen voor een low pass over hun straat. De vlucht was al een keertje uitgesteld wegens slecht weer en ook bij de tweede poging leek het een NO GO te worden omdat de zichtbaarheid ondermaats was (lees: te gevaarlijk om tegen 200 km/u door de lucht te kachelen). Wat wel kon was een lokaal vluchtje binnen de Antwerpse controlezone. Je blijft dan onder controle van de Toren en zij helpen mee uitkijken naar ander verkeer. In de praktijk is dat ‘een blokje rond Antwerpen’. Op die manier hadden mijn gasten toch even gevlogen.

In december kwam het nog eens tot een solovluchtje. Het klassieke oefentraject naar Zeeuws-Vlaanderen.

woensdag 17 maart 2010

Vluchten 2010

Na dat solovluchtje in december kwam de winter opzetten. Een harde, donkere en sneeuwerige winter. De strengste sinds de jaren ’70 zei iedereen. Dat was ook te merken aan het aantal vlieguren dat ik verzamelde: 0 ! Op de schaarse mooie vliegdagen die we telden, was het vliegtuig erg snel bezet en greep ik altijd net naast de boekingen. Als het toestel wel beschikbaar was, had ik professionele of persoonlijke verplichtingen. Het is ook altijd wat!

De dagen en weken passeerden en voor ik er erg in had, was het maart. Trouwe lezers weten dat ik mezelf een aantal minima en regels heb opgelegd. Crosswind maximum 10 knopen, zichtbaarheid 5 km, … dat soort dingen. Een andere persoonlijke stelregel is dat er nooit meer dan drie maanden tussen twee vluchten mogen zitten. Die drie-maanden-regel kwam wel heel erg dichtbij begin maart. Uiteindelijk kwamen de sterren mooi op 1 lijn te staan en vielen beschikbaarheid van het toestel en een redelijk mooie dag samen.

Ik schrijf ‘redelijk mooi’ omdat het die 5e maart best wel bewolkt en winderig was. De wind blies strak 10 knopen vanuit zuidwestelijke richting (200 graden). Aangezien de startbaan van Antwerpen een 29-11 oriĆ«ntatie heeft, weten kenners hoe laat het is: een crosswind van 10 knopen pal op de flank van het toestel. Nog net binnen mijn persoonlijke limiet en een goede gelegenheid om die crosswind landingen nog eens te oefenen. Na het bekijken van de meteo besloten om toch maar binnen het circuit te blijven en drie touch&go’s gedaan. Het was knokken en stampen om de kist mooi op final te krijgen maar na een lange vliegloze periode was het fijn om nog eens een half uurtje tijd en 3 landingen in het logboek bij te schrijven.

Alleen volgde enkele minuten later een koude douche. In al mijn enthousiasme vergat ik de kostprijs van een landing in Antwerpen. Voor de drie landingen moest ik 87 euro neertellen. Zeven-en-tachtig euro! Ik was echt gedegouteerd door die absurde hoge vergoeding en aan die kassa heb ik gezworen dat ik op deze (dure) manier niet de rest van mijn vliegdagen wil doorbrengen.

Een week later (13 maart) opnieuw de lucht in, dit keer het circuit verlaten en in de buurt van Sint Niklaas even gekeken of ik de klassieke manoeuvres nog onder de knie had. Dat ging erg goed en dat stelde me gerust. Ik was het vliegen niet verleerd.